Veel vrouwen ervaren het leven als zwaar of moeizaam. Het voelt alsof dingen niet stromen of alsof je steeds tegen obstakels aanloopt. Dit kan zich uiten in terugkerende struggles in relaties, binnen het gezin, op je werk of in hoe je naar jezelf kijkt. Vaak ligt daar een dieper gevoel onder: het gevoel niet echt gezien of gesteund te worden.
Misschien heb je als kind niet de erkenning of liefde ervaren waar je zo naar verlangde van je ouders. Misschien voelde je je alleen of had je het gevoel dat je er zelf doorheen moest. Ook wanneer je inmiddels volwassen bent, kan die ervaring nog steeds doorwerken. Wat we ons vaak niet realiseren, is dat deze innerlijke pijn invloed heeft op hoe we het leven ervaren.
Je verlangens zijn begrijpelijk. Tegelijkertijd is het belangrijk om te beseffen dat ouders alleen kunnen geven wat zij te geven hebben. Wanneer het niet genoeg voelde, betekent dat niet altijd dat ze het niet wilden geven, maar vaak dat ze het niet konden. Door deze realiteit te erkennen, kan er langzaam ruimte ontstaan om los te laten dat het verleden anders had moeten zijn. Dit betekent niet dat je jouw pijn negeert, maar dat je stopt met vechten tegen iets wat niet meer veranderd kan worden.
Wanneer je het gevoel hebt dat je niet gesteund wordt door je ouders, kan dat invloed hebben op hoe jij je plek inneemt in het leven. Het kan voelen alsof je steeds moet vechten, alsof je er alleen voor staat of alsof het leven zwaar blijft.
In systemisch werk kijken we naar de plek die ieder mens inneemt binnen zijn of haar familiesysteem. Je kunt het verleden niet veranderen, maar je kunt wel besluiten om je ouders innerlijk achter je te plaatsen. Dit betekent dat je hen erkent als de mensen van wie jij het leven hebt ontvangen.
Of je nu een fijne of moeilijke jeugd hebt gehad: jouw ouders zijn en blijven jouw ouders. Achter hen staan hun ouders en daarachter weer hun ouders. Zo loopt er een lange lijn van voorouders die uiteindelijk naar jou toe heeft geleid.
Wanneer je je ouders innerlijk achter je plaatst, neem je jouw natuurlijke plek in als hun kind. Je hoeft hen daarvoor niet perfect te vinden. Je hoeft ook niet goed te keuren wat er is gebeurd. Maar door te erkennen dat zij jouw ouders zijn en jij hun kind bent, kan er iets verschuiven. Vaak ontstaat er meer rust, kracht en verbinding met het leven.
Een eenvoudige oefening
Je kunt een eenvoudige oefening doen om jezelf weer op jouw plek te zetten en de steun van je voorouders te ervaren.
Ga rustig zitten en adem een paar keer diep in en uit.
Visualiseer dat je ouders achter je staan: je vader rechts en je moeder links.
Plaats daarachter hun ouders en daarachter weer hun ouders, steeds verder terug in de lijn van voorouders. Je hoeft hun namen niet te kennen. Het weten dat ze er zijn, is genoeg.
Spreek innerlijk uit:
- ‘Papa, mama, ik erken dat jullie mij het leven hebben gegeven. Dank jullie wel.’ (Spreek je ouders aan zoals jij ze altijd noemt: pa, pap, ma, mam.)
- ‘Ik respecteer en eer alles wat in ons familiesysteem is gebeurd.’
- ‘Ik neem mijn plek in en laat de wijsheid en kracht van mijn voorouders door mij heen stromen.’
Sta open voor wat er in je opkomt. Misschien voel je warmte, ontroering, verdriet, boosheid of juist weerstand. Alles is welkom.
Door deze oefening regelmatig te doen, kun je stap voor stap meer verbinding ervaren met de lijn van mensen die jou voorgingen.
Jouw ouders en voorouders hebben jou het leven gegeven. Je hoeft het niet alleen te dragen. Er staat een hele lijn van voorouders achter je. Wanneer jij je plek inneemt, kan de stroming van het leven weer voelbaar worden.




0 reacties